In de veertiende en vijftiende eeuw verrijzen in Zwolle een viertal gotische kerken. Eerst de Bethlehemkerk met bijbehorend klooster, daarna de Grote of Sint-Michaëlskerk, dan de Onze Lieve Vrouwekerk en als laatste het Dominicanenklooster met de Broerenkerk. Bij de bouw van deze kerken zijn veel mensen betrokken. Er moet in die periode in Zwolle sprake zijn geweest van een grote godsdienstige bedrijvigheid in en rond deze kerken, mede bevorderd door het rooms-katholieke aflatensysteem dat geestelijke beloningen verstrekt voor activiteiten ten dienste van de kerk.
Er is nog een andere vorm van godsdienstigheid die in dezelfde periode in Zwolle en omgeving tot bloei komt: de Moderne Devotie. Daardoor rijst als vanzelf de vraag hoe de godsdienstigheid rond de Sint-Michaëlskerk zich tot die Moderne Devotie verhoudt. Behoren beide stromingen tot eenzelfde spirituele beweging of verschillen ze van elkaar en zijn ze misschien zelfs elkaars tegenstanders?
Geert Grote (1340-1384) is de initiator van deze devote beweging die sterke nadruk legt op eenvoud en de innerlijke beleving van het geloof. Grote keert zich als rondtrekkend prediker fel tegen de misstanden in de kerk en tegen de corruptie onder de geestelijken. Hij is overtuigd van de zondigheid van de mens. Hij roept de gelovigen op zich af te wenden van de wereld en zijn verleidingen. Geloof betekent innerlijke vroomheid en een leven in soberheid. Bron van inspiratie is het geïdealiseerde beeld van de eerste christelijke gemeente dat Lucas geeft in het bijbelboek Handelingen (2, 43-47 en 4, 32-35).
Bij velen in het land raakt Grote een gevoelige snaar en zo ontstaat de beweging van de Moderne Devotie. De aanhangers worden bekend als de ‘Broeders en Zusters van het Gemene Leven’. Hun spiritualiteit wordt wel beschreven als ‘vernieuwde innigheid’.

In zijn strijd tegen uiterlijk vertoon en pronkzucht schrijft Grote een scherp traktaat tegen de Domkerk met zijn hoge toren die in die tijd in Utrecht wordt gebouwd. Volgens Grote is dat louter spilzucht en ijdelheid en kan het geld beter worden besteed aan de armenzorg. Toch besluit hij het geschrift niet te publiceren. Hij heeft zich al genoeg vijanden gemaakt en hij heeft de Utrechtse geestelijkheid nog nodig om toestemming voor zijn prediking te krijgen.
Hoewel dit traktaat tegen de Domtoren dus niet wordt gepubliceerd, moeten de gedachten van Grote over dit onderwerp bekend zijn geweest bij zijn volgelingen. En zeker bij Thomas a Kempis (1380-1471), de bekendste van hen. Thomas a Kempis verblijft vanaf 1399 tot zijn dood in 1471 in het Agnietenklooster van de devoten bij Zwolle. Daar schrijft hij zijn boek ‘De Navolging van Christus’, dat nog steeds geldt als een van de meest gelezen boeken – na de bijbel en de koran – ter wereld. Hoewel hij een afgezonderd leven leidt, zal Thomas hebben geweten dat ongeveer 3 kilometer verderop de Sint-Michaëlskerk wordt gebouwd. Het is niet uitgesloten dat hij de kerk-in-wording heeft gezien en zelfs heeft bezocht. Hij heeft geweten van de enorm hoge toren van de kerk, een toren die zelfs hoger was dan de Domtoren van Utrecht. Thomas heeft de voltooiing van de Sint-Michaëlskerk en haar toren in 1452 meegemaakt.
Ook op andere manieren komen de aanhangers van de Moderne Devotie in aanraking met de Sint-Michaëlskerk. In de kerk komt een speciale bank voor studenten van de Latijnse School te Zwolle. Die school krijgt onder leiding van leraar Johan Cele (1343-1417) een hoog niveau en internationale bekendheid. Cele was een goede vriend van Geert Grote en toegewijd aan de Moderne Devotie. Tevens is Cele musicus in de Michaëlskerk. Er zijn dus connecties te over tussen de Michaëlskerk en de Moderne Devotie. En aan niemand zullen de grote verschillen tussen die twee vormen van godsdienstigheid – Sint-Michaëlskerk en Moderne Devotie – zijn ontgaan. Veel volgelingen van Geert Grote hebben de bouw van de indrukwekkende kerk en zijn prestigieuze toren waarschijnlijk gezien als ijdel vertoon van macht en rijkdom.
Maar toch is het verschil tussen die twee typen godsdienstigheid misschien minder groot dan je aanvankelijk zou denken. Misschien is er bij alle verschil zelfs wel sprake van een sterke overeenkomst. (wordt vervolgd)